Nieuwsbrief

De Paradox van Carsharing-minder auto’s maar drukkere wegen

3 januari 2018
Leesduur: +/- 5 min.

Er gloort naast het autonome autorijden ook een andere mobiliteitstrend aan de horizon; carsharing. In de toekomst zien we af van autobezit en pakken we alleen een auto als we ‘m écht nodig hebben. De gevolgen zijn enigszins paradoxaal, want het aantal auto’s in Europa gaat omlaag, maar het wordt wel drukker op de wegen. We leggen uit.

Autobezit een gepasseerd station

Het behoorde ooit tot de American Dream, een glanzende auto op de oprit als symbool voor vrijheid. Ook in Nederland werd de auto een heilige koe. Volgens Christoph Stürmer, analyst bij PwC, gaat deze notie bij het grof vuil en is de auto als statussymbool straks passé. Middels vier verschillende concepten (roundtrip, one-way, peer-to-peer en fractional) gaan we steeds vaker auto’s met elkaar delen. In eerste instantie in de steden maar later ook in landelijke gebieden. De opmars van carsharing lijkt een voldongen feit.

Beter voor het milieu
De voordelen zijn talrijk. Neem het milieuaspect. Auto's leveren wereldwijd een flinke bijdrage aan de totale uitstoot van broeikasgassen. Een recente studie wees uit dat carsharing een positieve bijdrage levert aan het behalen van energie- en klimaatdoelen. Dalend autobezit als gevolg van carsharing levert in Nederland een extra reductie van 230 tot 320 kilogram Co2 per jaar op.
In de milieuanalyse werd ook de levensduur van een gedeelde auto meegenomen. Deze is vrij kort door het intensieve gebruik, slechts 3.9 jaar vergeleken met gemiddeld 17.3 jaar voor een auto in eigendom. Om een auto te produceren en te slopen zijn grondstoffen en energie nodig. Wat bleek? Ondanks de korte levensduur van gedeelde auto’s wordt er toch per saldo een reductie van Co2-uitstoot gerealiseerd.

De autofabrikanten zien het ook zitten
Er zullen dus meer auto’s gefabriceerd én gesloopt moeten worden. PwC voorspelt een toename van het aantal nieuwe auto’s tot 24 miljoen stuks. Wat dat betreft hoeven we geen medelijden te hebben met de autofabrikanten. Sterker nog, het feit dat de autofabrikanten meeprofiteren vormt wellicht juist de katalysator die carsharing tot grote hoogten gaat stuwen. De machtige autolobby zal zich koest houden en de opmars van carsharing niet frustreren.

Carsharing vormt tegelijkertijd een kans voor nieuwe automerken om de automarkt te penetreren. Toch, zegt PwC, zal een lager totaal volume aan auto’s een uitdaging vormen voor kleinere fabrikanten die niet over een kritische massa beschikken en daardoor uit de markt kunnen worden gedrukt.

In 2050 een halvering van aantal auto’s in Duitsland
Een onderzoek wijst uit dat op het moment dat carsharing tractie krijgt zou het totaal aantal auto’s in Europa kunnen dalen van 280 miljoen tot 200 miljoen stuks in 2030. En dat is nog maar het begin. In Duitsland wordt rond 2050 een halvering van het wagenpark verwacht. En daar blijft het niet bij, carshare startup Zipcar denkt dat een enkele gedeelde auto maar liefst 17 auto's van de weg kan houden. Bovendien zou een derde van alle afgelegde kilometers worden gereden door auto’s die op een of andere manier met anderen wordt gedeeld. Een significante impact op mobiliteit dus!

Nog steeds in de file...
Wie denkt dat de filedruk dan afneemt komt bedrogen uit. Een gedeelde auto wordt stevig gebruikt en legt gemiddeld meer dan 4 keer zoveel kilometers af als een auto in eigendom. Dat gaan we zeker merken op de wegen; deze raken nóg voller. De drempel om met de bus of fiets te gaan wordt lager als autodelen meer gaat opkomen. Dit kan ervoor zorgen dat jongeren en ouderen die normaal gesproken netjes de bus nemen, nu liever in een auto stappen omdat dit meer comfort biedt.

Meer auto’s op de weg betekent minder auto’s stationair, op parkeerplekken. Waar voorheen parkeerproblematiek een remmende werking had op autogebruik is dat in de toekomst wellicht niet meer het geval. Veel parkeerplek zal voor sommigen een stimulans zijn om een auto te gebruiken in plaats van het openbaar vervoer. Nog meer verkeer dus.

Willen we wel? 
Gebrek aan bereidheid om een auto te delen is een remmende factor voor carsharing. Deze bereidheid verschilt nogal per land. In Nederland wordt autobezit niet gezien als een must en wil maar liefst 59% carsharing gebruiken voor vrije tijdsbesteding. Voor woon- en werkverkeer ligt dit percentage nog hoger, waar een slordige 68% van de Nederlanders aangeven carsharing te willen gebruiken. Dit toont aan dat het niet al te gek is dat het aantal deelauto’s in de grote steden alleen maar blijft stijgen.

En hoe ziet dit eruit in het buitenland? In een onderzoek van PwC is te zien dat in Duitsland 54% van de bevolking bereid is om een keer carsharing te proberen. In China ziet 84% het zitten om een auto te delen. Het verschil is goed te verklaren. In Duitsland heerst een traditionele opvatting over autobezit terwijl in China de meerderheid überhaupt geen auto heeft. Onze Duitse buren zijn namelijk erg graag in controle over de auto waar ze in rijden en vinden het belangrijk om meer van de auto te weten dan er alleen in te stappen. Zo is het erg belangrijk dat de auto in Duitsland goede winterbanden heeft als de temperatuur onder de 7 graden komt en willen ze graag weten wat voor kracht de motor heeft. Dit draagt bij aan het lagere percentage van de bereidheid in Duitsland om auto's te delen. In China wordt de auto heel anders gezien omdat de meeste mensen daar geen auto bezitten. Daarom is carsharing al snel erg aantrekkelijk, want er is geen initiële aanschafsinvestering nodig.

Carsharing & autonoom autorijden: match made in heaven
Carsharing heeft ook raakvlakken met die andere megatrend in mobiliteit, het autonoom autorijden. Op het moment dat auto’s zonder menselijke besturing het verkeer kunnen trotseren kan een auto zichzelf op bestelling bij jou afleveren. Het resultaat is een geniaal transport concept!

Een nieuwe bloeiperiode voor de auto op komst? 
Carsharing is zondermeer een significante ontwikkeling in mobiliteit, vooral nu er synergie lijkt te bestaan met autonoom autorijden. Toch is het niet allemaal hosanna. Toenemende verkeersdruk zal een probleem gaan vormen omdat gedeelde auto’s intensief gebruikt worden.

Het feit dat er bij carsharing geen grote initiële investering nodig is om achter het stuur te kruipen zou uiteindelijk een nieuwe glorietijd voor de auto kunnen inluiden. De vraag is of we dit werkelijk willen? Was het niet juist de bedoeling dat we met het openbaar vervoer gingen, of op de fiets? Of en waar het carsharing schip uiteindelijk gaat stranden kan op dit moment nog niet voorspeld worden. Misschien rijden uiteindelijk 95% van de Nederlanders wel in autonome deelauto’s en scheuren alleen de Will Smith’s onder ons nog over de snelwegen tussen de netjes rijdende deelauto’s.

Geef jouw mening

Bij je reactie wordt je achternaam niet getoond